Popular Tags:

De Turfputtenroute

8 januari 2010 at 23:41

Deze fietstocht over een afstand van 34 kilometer doorheen het Land Van Waas, start aan de Bareldonkkapel te Berlare. Deze kapel staat op een zandheuvel in de onmiddellijke omgeving van het Donkmeer, en een grafput en een middeleeuwse tegelvloer zijn het regelrechte bewijs dat deze kapel heel wat ouder is dan het jaartal op de gevel 1774, doet vermoeden. In 1935 werd naast deze kapel een bedevaartsommegang aangelegd bestaande uit 7 stakapelletjes en een monumentale calvarieberg.

Langs veilige en grotendeels geasfalteerde wegen zet je je tocht verder via de Gratiebossen, waarna de weg rustig verder kronkelt in een relatief open en vlak landschap, met hier en daar een enige bebouwing, tot wanneer je aan de Waterhoek bent aangekomen, welke je in een wijde bocht naar de Schelde brengt.

Hier ga je op de Scheldedijk verder fietsen over een afstand van ongeveer 9 kilometer, tot wanneer je in Uitbergen komt. Onderweg kruis je de Scheldebrug, een brug welke bij het begin van de Tweede Wereldoorlog werd opgeblazen door het Belgische leger; welke Schoonaarde met Berlare verbindt. Schoonaarde is eveneens een dorpje in de provincie Oost-Vlaanderen en sinds 1977 een deelgemeente van de stad Dendermonde.

Tussen de Scheldeoever en de Scheldedijk liggen twee kleine natuurgebieden: de Bredeschorre en de Konkelschorre, gebieden waar vooral watervogels zich thuis voelen tussen de rietkragen, die afhankelijk van de getijden, tweemaal per dag onder water komen te staan. Deze twee natuurgebieden staan onder het beheer van Natuurpunt, een vereniging voor natuur en landschap in Vlaanderen met als belangrijkste pijlers: natuurstudie, beheer en educatie.

Verder op je traject langsheen deze Scheldedijk passeer je de Hoge Berg, wat ooit een alluviale vlakte met de Scheldeduinen was; en de nu volgende kilometers fiets je voorbij een kilometerslang natuurgebied aan je rechterzijde, een gebied dat door de Europese Gemeenschap werd erkend als vogelrichtlijngebied, omwille van zijn grote ecologische bijdrage.

Naast de eerste zijstraat op dit stuk van de Scheldedijk ligt den Beirleir, een vroegere Scheldearm en een riviertje dat er vroeger voor zorgde dat de boten met hun lading naar Berlare konden varen, om daar hun vracht te kunnen lossen. Waar er rechts van je een kasteeltje met bijbehorend park opduikt, ben je terecht gekomen in een gebied waar de mens zijn wil tracht op te leggen aan de natuur.

Wat verder verlaat je de Scheldedijk en kom je aan in de dorpskern van Uitbergen. Dit dorp is een deelgemeente van Berlare met een totale oppervlakte van 6,48 km2 en 1605 inwoners na de fusie. Neem hier zeker de tijd om de Sint-Pieterskerk even te bezichtigen. De achtzijdige bakstenen vieringtoren in vroeg-gotiek is ongetwijfeld het oudste gedeelte van deze kerk en dateert uit de 12de eeuw. De benedenkerk dateert van 1906 en het interieur heeft een neogotische aankleding. Naast de kerk staat het gemeentehuis, daterende uit 1927 en tevens een bouwwerk van Valentin Vaerwyck.

Je verlaat de dorpskern van Uitbergen via de Kleine Kouter, een landelijke weg om dan via het Slot en de Aard weer verder te fietsen tussen twee strategisch geplaatste cafeetjes op de Schelde-oever naar de Scheldedijk . Vooraleer je de Kalkense Meersen induikt, kan je nog over een afstand van 300 meter genieten van het prachtig zicht dat je hebt op de Schelde.

Met meer dan 800 hectare aaneengesloten, vochtig grasland vormen de Kalkense Meersen één van de grootste overblijfselen van de Scheldemeersen langs de Zeeschelde. Meersen zijn uitgestrekte vochtige graslanden die alleen door sloten en grachten doormidden gesneden worden, met hier en daar een populierbestand en knotwilgen in de buurt van de dorpskernen, die ervoor zorgen dat het natuurgebied daar een kleinschalig uitzicht krijgt. Doorheen de Kalkense Meersen loopt ook een wandeling over een afstand van 14 kilometer, de Groen Halte-wandelroute; een wandeling die start in Schellebelle en eindigt in Wetteren.

Na een heerlijke tocht door één van de zeldzame stiltegebieden van Oost-Vlaanderen kom je aan bij Nieuwdonk, een 175 hectare groot recreatie- en parkdomein, waar er volop ruimte is voor waterrecreatie zoals zwemmen, surfen, zeilen en kayakken.

Daarnaast kan je hier ook wandelen, zonnebaden en vlakbij de grote speeltuin ligt het restaurant en een taverne met een terras, van waar je van een prachtig uitzicht kan genieten.

Van zodra je in de Brielstraat bent aangekomen, kom je rechts bij de ingang van de Eendekooi, een groot stuk land waar eenden worden gevangen; vroeger voor consumptie maar tegenwoordig enkel nog om ze te voorzien van een ring. Naarmate je dichter komt bij het eindpunt, krijge je een beter uitzicht op het eigenlijke Donkmeer, maar wordt het steeds drukker van de vele toeristen die je op je weg zal passeren.

Volg tot slot nog de Brielstraat tot aan de Donklaan, en ga rechts over het fietspad tot wanneer je terug aan de Bareldonkkapel bent aangekomen; waar je na het stoppen nog even op adem kan komen in één van de vele tavernes die je hier in de nabije omgeving vindt, of je kan nog een wandeling maken langsheen het Donkmeer, waar er een zeer gevarieerd horeca-aanbod aanwezig is.

West-Vlaamse Bergenroute, op verkenning in het Heuvelland

1 januari 2010 at 16:35

Deze 45 kilometer lange fietstocht doorheen het West-Vlaamse Heuvelland, start bij het bezoekerscentrum ” De Bergen van VVV Heuvelland “; in dit centrum kan je kennis maken met het landschap van de West-Vlaamse heuvels, waar ook hier weer de Eerste Wereldoorlog zijn sporen heeft achtergelaten en tijdens de eerste vijf kilometers van je traject onderweg naar Voormezele, wordt je meteen geconfronteerd met niet minder dan acht oorlogskerkhoven, als stille getuige van dit gruwelijk verleden.

Eenmaal voorbij Voormezele kan je aan de wegsplitsing van de Vaartstraat en de Bernikkewallestraat een ommetje maken naar het Provinciaal Domein Zillebeke. Dit is een recreatie- en natuurgebied dat werd opengesteld in 1973 voor het publiek en situeert zich voornamelijk rond de oude kanaalsleuf.

Via rustige en landelijke wegen bereik je Mesen, het kleinste stadje van Vlaanderen dat het tijdens de Eerste Wereldoorlog zwaar te verduren kreeg, aangezien het midden in de frontlinie lag. Ook hier weer een vijftal monumenten en begraafplaatsen die doen terugdenken aan de oorlogsperiode.

Verderop aan het kruispunt van de Mesenstraat en de Kruisstraat verlaat je de hoofdweg en kan je even stoppen bij het Britse Messines Ridge Cemetry, waar je op een monument de namen kunt lezen van de 840 vermiste officieren en manschappen van deNew Zealand Division, die hier een stevige strijd vocht tegen de Duitsers voor de bevrijding van Mesen.

Aan het einde van de Kruisstraat ligt de Pool of Peace, de grootste en meest indrukwekkende krater, met een diepte van 12 meter en een diameter van 129 meter. Deze krater is nog steeds een herinnering aan de Mijnenslag of ook gekend als de ” Slag bij Mesen “; wat verder in de Wulvergemstraat liggen nog enkele mijnkraters.

De route leidt je nu verder naar Wulvergem, waarvan we weten dat het in 703 voor het eerst vermeld werd en daarmee waarschijnlijk één van de oudste nederzettingen uit deze streek is.Wulvergem is trouwens ook het kleinste dorpje uit het Heuvelland, met zijn 206 inwoners en een oppervlakte van 350 hectare.

Nieuwkerke komt nu binnen fietsafstand, en na de kruising met de Kemmelstraat fiets je door de smalle Oude Tramweg, waarvan de straatnaam ons doet herinneren aan de stoomtram die hier rond 1950 passeerde, op weg naar Ieper. Hier in Nieuwkerke getuigen het raadshuis en de Onze-Lieve-Vrouwkerk, welke in romaanse stijl is opgetrokken, van de rijkdom uit de periode van de lakennijverheid, wat typerend was voor deze streek.

Onderweg naar Dranouter, moet je beslist even afstappen aan de Walletjes. Deze heuvel gelegen in het Heuvelland, was vroeger een onderdeel van de wielerklassieker Gent-Wevelgem, en vanop deze top heb je een prachtig uitzicht over het Heuvelland; iest dat je even later ook kan doen van zodra je in het gehucht de Zwarte Molen bent aangekomen.

De nu volgende kilometers vertoef je in de vallei van de Douvebeek op weg naar Dranouter, een plaats in het Heuvelland die enorme populariteit heeft verworven dankzij het jaarlijks driedaagse folkfestival, waarop binnen- en buitenlandse artiesten of groepen, het beste van zichzelf geven. Er werd zelfs een museum opgericht op volksmuziek van over de hele wereld n dat bevindt zich in de Dikkebusstraat in het Folk Experience Dranouter. Hier is ook ’t Folk ondergebracht, waar je terecht kan voor gratis concerten, streekproducten of wereldkeuken.

Je wordt beloond met een uitzicht op de Monteberg en de zuidflank van de Kemmelberg van zodra je de wegsplitsing van de Lettingstraat en de Koenraadstraat bereikt. Hier ligt ook het wijngoed Monteberg, een domein van 2,5 hectare oppervlakte waar de bekende druiven als pinot noir, Dornfelder en Muller Thurgau  aan de ongeveer 9000 wijnstokken groeien. De jaarlijkse productie bedraagt 12.000 liter en bestaat vooral uit witte wijn, met daarnaast in kleine hoeveelheden rode wijn en rosé. Ook streekbieren worden hier gebrouwd en meer bepaald in Brouwerij De Bie waar je vooral terecht kan voor een Zatte Bie, Helleketelbier, Kriekedebie en Plokkersbier, één voor één streekbieren die bij liefhebbers enorm geliefd zijn.

Na de beklimming van de Rodeberg, kom je op de Baneberg, die vooral herkenbaar is aan de houten Lijstermolen, die er al staat sinds 1960. Deze houten windmolen is er één van het type staakmolen en was actief tot 1947 en werd in 2004 erkend als beschermd monument.

Na de vorige inspanningen, wordt je beloond met een afdaling naar Westouter, waar je in het dorp de Sint-Egidiuskerk met zijn ijzerzandstenen toren zeker eens moet bekijken; je kan deze rustpauze goed gebruiken want daarna moet je in de Hellegatstraat een andere flank van de Rodeberg beklimmen.

Verlaat nu de Dikkebusstraat en rij de Kalissestraat rechts in, voor het laatste traject je tocht richting Kemmel. Aan je linkerkant zie je de 125 meter hoge Scherpeberg liggen, hier ontspringen enkele zijbeekjes van de Kemmelbeek.

Op de flanken tussen de Letteberg en de Kemmelberg ligt een massagraf met duizenden Franse soldaten, welke omkwamen tijdens de slag om de Kemmelberg, tijdens de Eerste Wereldoorlog in 1918. Een 16 meter hoge zuil brengt nog steeds hulde aan de vele slachtoffers. Van hieruit moet je slechts nog enkele honderden meters verder op deze zware fietsroute, vooraleer je weer bij het startpunt bent aangkomen.

Dit behoorlijk zwaar heuvelachtig parcours gaat overwegend over verharde en verkeersarme plattelandswegen met hier en daar enkele stukjes onverharde wegen. De route is bewegwijzerd met zeshoekige rood-witte borden met het opschrift ” West-Vlaamse Bergenroute”

De Drongengoedroute

28 december 2009 at 19:19

drongengoedhoeveVertrekpunt voor deze fietstocht over een afstand van 44 kilometer, welke meestal door de bossen is, is de Drongengoedhoeve. Wat ooit eens een ontginningshoeve van de paters van Drongen was, is nu een gezellige herberg geworden, van waaruit je je fietstocht of wandeling kan starten; ’s Zomers is er hier ook een landschapsinfocentrum, waar je meer te weten komt over het ontstaan van het landschap, het bos en de hoeve.

Eenmaal voorbij de voormalige abdijhoeve fiets je links over een grintpad door het imposante Drongengoedbos, wat ongeveer 370 hectare groot is en waarvan het hoogste punt 29 meter boven de zeespiegel ligt.

Onderweg passeer je aan je rechterzijde het tot 1993 voormalige reservevliegveld van de Navo, dat in de jaren 50 werd aangelegd en waarvoor heel wat bomen moesten wijken, want dit domein is ongeveer 200 hectare groot. De oorlogsvliegtuigen zijn inmiddels reeds lang verdwenen en hebben vandaag de dag plaats gemaakt voor de sportvliegtuigen.

De historische hoeve van Papinglo, een abdijhoeve daterende uit de 12de eeuw, was tot aan het einde van de 15de eeuw, een religieuze nederzetting met bijbehorende kapel en werd bewoond door diverse priesters, lekebroeders en zusters. Er was ook een kerkhof aanwezig waar de edellieden werden begraven. Later werd het domein omgevormd tot een pachthoeve en in 2007 werd ze opnieuw gerestaureerd.

Langs landelijke wegen gaat de tocht verder richting Kleit, een naam die verwijst naar de dikke kleilaag, welke in de bodem aanwezig is, en gebruikt werd in de plaatselijke steenbakkerijen; onderweg passeer je het Boombos, één van de hoogste punten in deze omgeving, dat zich uitermate leent tot zeer fraaie vergezichten.

Via de weg Adegem-Kruipuit kom je aan bij het Canadamuseum, dat werd opgericht als eerbetoon aan de vele Canadese soldaten die hier in Vlaanderen de dood vonden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Wil je meer te weten komen over het museum, volg dan deze link naar de website: www.canadamuseum.be.

Nadat je de nodige tijd genomen hebt om het museum te bezoeken en nadien wat gegeten of gedronken hebt, zet je de fietstocht verder via Akker en Berlaars tot wanneer je de oever van het Schipdonkkanaal bereikt hebt. Gedurende een afstand van twee kilometer kan je genieten van dit kanaal dat indertijd gegraven werd als afleidingskanaal van de Leie.

Je verlaat het Schipdonkkanaal over de Veldekensbrug, richting Eeklo. In de Murkelstraat krijg je opeens gezelschap van het Leiken, dat nu nog enkel dienst doet voor de afwatering en van zodra je het brugje over het Leiken passeert, zet je koers richting de Hendrik Consciensestraat. Je bent nu heel dicht bij het centrum van Eeklo, dus voor wie wil kan zeker een ommetje maken en deze prachtige stad bezoeken, of genieten op een lekker terrasje in de buurt van de Grote Markt.

Ongeveer een kilometer verder fiets je dan door een toenmalig militair domein, gelegen aan de rand van de stad Eeklo en beter bekend als het Provinciaal Domein Het Leen, goed voor 225 hectare bosgebied. Dankzij het Oostvlaamse provinciebestuur werd er van dit domein een wandel- en recreatiedomein gemaakt, met in totaal 36 kilometer wandelwegen.

Neem ook hier weer gerust de tijd om even te stoppen en te genieten van de prachtige bomen en de meer dan 7000 planten of hou even halt bij de cafetaria, waar je terecht kan voor een drankje,een snack of een warme maaltijd.

Via de Rostyneweg bereik je het Schipdonkkanaal voor de tweede keer vandaag, je fietst ongeveer 2 kilometer langs de kanaaloever en verlaat deze aan de Stoktevijverbrug, waar je verder gaat richting Ronsele, een dorpje dat vanwege zijn strategische ligging aan het Schipdonkkanaal, het hard te verduren kreeg tijdens beide wereldoorlogen. Het fraaie Ronseleplein nodigt menig fietser uit om even een pauze te nemen.

Van hier ga je verder richting Zomergem en Ursel, waar je in de Keigatstraat boven op een heuvelkam fietst, waardoor je een mooi uitzicht hebt op deze prachtige omgeving, vooraleer een bosweg je naar het Keigatbos leidt.

Een prima herkenningspunt op deze route is een oud veldkruis omgeven door linden, en gelegen op een kruispunt in de Veldkruisstraat. Waarschijnlijk deed dit vroeger dienst als grenskruis tussen Ursel, Oostwinkel en Ronsele. Voor de toenmalige eenzame reizigers was dit ooit een herkenningspunt, nu canadees museum - adegemis het voor de fietsers een aangename plek om even te stoppen.

Kruis even verder de drukke Eekloseweg en fiets dan in een boogje om Ursel heen, tot wanneer je uiteindelijk in de bossen van Ganzekleiten bent aangekomen, waar je op een aardeweg geniet van de afdaling van de Cuesta van Oedelem-Zomergem. Op deze kleirug werd nauwelijks zand afgezet, terwijl de rest van de Vlaamse Vallei werd opgevuld. Het hoogste punt van deze cuesta ligt 29 meter boven de zeespiegel.

Het einde van deze fietstocht is in zicht, want nadat je eerst op de drukke Middelweg fietst, ga je verder in noordelijke richting naar het Drongengoedbos, het eindpunt dat trouwens ook het beginpunt van deze tocht is.

Deze route is bewegwijzerd met zeshoekige borden met het opschrift “Drongengoedroute”, en voor een natje en een droogje kan je stoppen bij het Canadamuseum, Het Leen of ook in het centrum van Eeklo, waar verschillende tavernes op en in de buurt van de markt je verwelkomen.

De Grensparkroute, op verkenning doorheen de Antwerpse Kempen

27 december 2009 at 23:33

grensparkDeze fietstocht over een afstand van 32 kilometer loopt grotendeels via geasfalteerde wegen, met hier en daar wat aardewegen langsheen je traject, maar geen nood, want ook deze zijn goed berijdbaar in normale omstandigheden. Deze route is bewegwijzerd met zeshoekige bordjes met rode letters “Grensparkroute” en er zijn tavernen en cafeetjes nabij de startplaats; maar ook in taverne Jagersrust in het Nederlandse Ossendrecht kan je je dorst lessen.

Vertrekpunt en meteen een eerste kennismaking met de Kalmthoutse Heide is gelegen aan de hoofdparking van het Natuureducatief Centrum de Vriente; dit is een initatiatief van de Vlaamse regering en biedt voor de bezoekers een kennismaking met de fauna en flora van het Grenspark De Zoom-Kalmthoutse Heide.

Je fietstrajcet brengt je meteen op weg naar de Withoefse Heide, dit is een beboste zone met toch hier en daar enkele stukken heide, welke enigszins afgescheiden zijn van de rest van het natuurgebied. Via de Guido Gezellelaan bereik je het station van Kalmthout-Heide,waar voor het station een monument staat ter nagedachtenis van de vele Canadese militairen, die hier sneuvelden tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De tocht wordt verder gezet richting Putte (Kapellen), waarbij je in de zomer hier kan fietsen onder het dichte bladerdek van de hoge bomen die langsheen de Canadezenlaan. Op de grens tussen Vlaanderen en buurland Nederland fiets je in de richting van het Ravenhofkasteel. Dit kasteel, opgetrokken in de rococostijl heeft een verleden dat teruggaat tot in de 15de eeuw.

Net voor het kasteel, referentiepunt nummer drie, buigt je route rechts af, richting Moretusbos voor een tocht van ongeveer 10 kilometer op Nederlands grondgebied. Nadat je eerst de joodse begraafplaatsen, welke toebehoren aan de joodse gemeenschap in Anwterpen passeerde, fiets je later voorbij landgoed Bieduinen, een plaats waar ooit bijen werden gehouden.

Je bereikt aan het kruispunt met de Abdijlaan taverne Jagersrust, je vierde referentiepunt. Nadat je even gestopt bent om je dorst te lessen, volg je vervolgens het fietspad naar rechts, waar je na ongeveer één kilometer het landgoed Kortenhoeff aan je linkerzijde ziet. Hier op dit landgoed helpen de IJslandse pony’s nog steeds bij het onderhouden van de heide.

Onderweg naar Huijbergen passeer je voorbij het Wilhelmietenmuseum, dat volledig gewijd is aan het leven en werken van een kloosterorde die zich omstreeks 1278 hier vestigde. Even later kom je weer op Belgisch grondgebied van zodra je de weiden in de omgeving van Groenendries bereikt hebt.

heideReferentiepunt nummer 5 is het kruispunt met de Verbindingsstraat, waar je rechtsaf slaat op weg naar het Vlaams Natuurreservaat Kalmthoutse Heide. Hier kan je met wat geluk de gallowayrunderen en de schapen, die beide door hun begrazing de heidevegetatie in toom houden, zien. Op weg naar je laatste referentiepunt passeer je eerst nog door de Kastanjedreef die reeds meer dan 80 jaar beplant is met esdoorns en beukenbomen. Deze fraaie dreef is trouwens aangelegd op een dijk in het brongebied van de Zwarte Beek en de Zwanenloop.

Aan het einde van de Korte Heuvelstraat, referentiepunt nummer zes, brengt het fietspad je doorheen een stukje natte heide, gekenmerkt door een specifieke flora,want hier is de aanwezigheid van dopheide en veenbies alom vertegenwoordigt en in de zomer vind je hier trouwens ook nog bloeiende beenbreek, welke helgeel van kleur is en ook klokjesgentiaan, wat eerder een diepblauwe kleur heeft. De fauna op deze natte heide is minder specifiek waarbij het gentiaanblauwtje, een eerder zeldzame vlindersoort, kenmerkend is.

Het laatste stukje van je fietstocht ligt in het Kalmthouts Arboretum, dit is een 12 hectare groot park met een enorme variatie aan bomen, struiken en planten en eens je daar doorheen gefietst hebt, kom je weer aan bij het Natuureducatief Centrum de Vroente, dat zeker de moeite waard is om een bezoek te brengen.

Info betreffende de foto’s: © Copyright Toerisme Provincie Antwerpen en beide foto’s werden genomen door De Backer Mie

Met dank aan de dienst Toerisme Provincie Antwerpen

De Kapellekensbaan

25 december 2009 at 13:24

” Waar men ga langs Vlaamse wegen, oude hoeve, huis of tronk. Komt men U, Maria tegen, staat Uw beeltenis te pronk. Lacht ons toe uit lindegroen,bloemenkrans of blij festoen,moge ’t nimmer hier verand’ren,O gij Lieve Vrouw van Vlaanderen”.

Je kan er bijna niet naast kijken, want over gans Vlaanderen staan de kapelletjes  her en der verspreid langs de Vlaamse wegen, zijnde als een gemetseld kapelletje, of opgehangen in een boom of aan de huisgevel, of verwerkt in een nis van één van de hekstijlen, welke toegang verlenen tot de boerderij.

Nogal logisch dat er rond dit thema dan ook een fietstocht werd uitgewerkt, namelijk de Kapellekensbaan. Deze fietstocht loopt over een totale afstand van 82 kilometer en kan op 4 verschillende plaatsen gestart worden, in Wingene (knooppunt 25) , in Ruiselede (knooppunt 43) , in Lichtervelde (knooppunt 14)  en tot slot ook nog in Tielt (knooppunt 47).

Het traject kan je volgen aan de hand van de fietsknooppunten, waarbij je onderweg 4 variaties hebt om je route in te korten naar eigen believen. Verondel dat je wil starten in Lichtervelde, dan moet je de volgende knooppunten volgen: 15 – 16 – 18 – 55 – 54 – 53 – 24 – 46 – 47 – 52 – 51 – 50 – 48 – 49 – 43 – 44 – 38 – 45 – 42 – 41 – 34 – 25 – 22 – 20 – 21 – 13 – 14 – 15.

De mogelijke variaties op deze tocht zijn: afkorting via Pittem (24) naar 36 – 23 – 19 – 15 – 14 afkorting bij Tielt (47) naar 45 afkorting naar Tielt (45) naar 47 tracé naar Lichtervelde (25) naar 23 – 19 – 15.

Het complete overzicht van alle knooppunten is te vinden op de fietsnetwerkkaarten Brugse Ommeland Noord en Zuid, te koop bij de toerismekantoren en bij Westtoer, tegen de prijs van 6 € per stuk of 11 € voor beide kaarten.

De 8 verschillende kapelletjes die je op deze route tegenkomt zijn:

1) Vannestekapel in de Beukboomstraat te Pittem, nabij knooppunt 53: René Vanneste was elf jaar oud toen de Maagd Maria in 1908 aan hem verscheen, en de opdracht kreeg om op deze plek een kapel te bouwen. Pas in 1929 startte hij met de bouw van de kapel en heeft hij er zijn leven lang aan gewerkt. Vandaag de dag blijft deze torenkapel één van de meest verzorgde exemplaren van West-Vlaanderen.

2) Stocktkapel in de Oude Stationsstraat, voorbij knooppunt 47: Als we de glasramen van deze kapel aandachtig bekijken, zien we dat ze het verhaal vertellen van een Spaanse edelman die in de 16de eeuw samen met zijn gevolg in de stad Tielt aankomt. De stad wordt geteisterd door de pest op dat moment. De edelman belooft dat hij een mooie kapel zal bouwen op de plaats waar hij zijn mantel gooit.

3) Onze-Lieve-Vrouw-Kapel op de Markt van Ruiselede, nabij knooppunt 43:

Hier vertelt de legende het verhaal van 2 kloosterzusters die ’s nachts gewekt worden door een stem, die ze volgen en in hun kapel ontdekken ze dat het Onze Lieve Vrouw is, waarop ze haar onmiddellijk vereren.

Nadien volgen ze de gestalte, waarbij ze het traject van de vroegere ommegang afleggen en zeven maal halt houden om tot haar te bidden. De volgende morgen merken de twee zusters op dat het kleed van hun Onze Lieve Vrouw besmeurd is.

4) Onze-Lieve-Vrouw-Kapel in de Hoogweg te Wingene, tussen knooppunt 34 en 25: Deze kapel lag op de route die de arbeiders, welke in Noord-Frankrijk werkten,  passeerden op weg naar huis. Toen ze voor het Mariabeeld kwamen, begonnen ze te vloeken en te ketteren, waarop er een kroon boven Maria’s hoofd verscheen en de arbeiders terstond een pak rammel kregen.

5) Onze-Lieve-Vrouw-Kapel of de Koortskapel, gelegen in de Munkelostraat te Wingene, tussen knooppunt 22 en 20: Hier vertelt de legende het verhaal van een herder, die toen hij met zijn schapen in één van het Munkengoed belandde,  zijn herdersstok in een beukenboom stak en er een Onze-Lieve-Vrouwbeeldje ontdekte. Deze historie herhaalde zich de dag daarop, alsook de twee daaropvolgende dagen en meten was het kutskapelletje geboren.

6) Rochuskapel of Kapel De Brabandere, gelegen in de Ratelingestraat te Wingene, tussen knooppunt 25 en 23: Deze kapel neemt je mee naar het eindoffensief van 1918, waarbij de Duitsers zich terug trokken aan de Ringbeek, om daar de oprukkende Franse troepen onder vuur te nemen. Weduwe De Brabandere verschool zich tijdens de gevechten in een aardappelkelder, die ondanks de granatenregen niet eens geraakt werd. Uit dankbaarheid liet de weduwe deze kapel in 1919 optrekken, en nog niet zo lang geleden werd de kapel volledig gerenoveerd.

7) Bomkapelle gelegen in de Kapellestraat te Koolskamp, tussen knooppunt 23 en 19: Tijdens de geallieerde bombardementen van 1944, verzamelden 72 Koolskampenaren bij deze kapel om er al biddend, bescherming tegen de Duitse soldaten, af te zweren.

Twaalf bommenwerpers vlogen voorbij en één dropte een bom van 50 kilo op de grindweg, vlak voor de kapel. Miraculeus werd er niemand gewond en vandaag de dag is die bewuste bom nog steeds te bezichtigen in de kapel.

8.) Onze-Lieve-Vrouw-Kapel gelegen in de Veldekensstraat te Lichtervelde, nabij het traject tussen knooppunt 13 en 15: De legende leert ons dat Octavie Van Walleghem op haar 21ste serieus ziek werd, waarbij ze verlamd was aan beide benen. Terwijl ze naar Lourdes op bedevaart was, deden haar broers een noveen in het kapelletje van Wijnendaele en hun zus keerde gezond en wel terug van haar bedevaartsreis. Uit dankbaarheid liet de familie in 1895 een kapel bouwen.

Cookie consent wordpress plugin